Verslag en presentatie 14 oktober 2014

Halftime-tribune_14okt (2)

Kennis uitwisselen over het beter, sneller en met minder gedoe uitvoeren van projecten in de buitenruimte. Dat is het doel van de Tribune bijeenkomsten van Halftime. Hieronder een impressie van de laatste bijeenkomst.

Ontwikkelingen in de sector, duurzaamheid en Halftime – door Geert-Jan Verkade, SBRCURnet

GWW-opdrachtgevers bij de regionale overheden hebben het niet gemakkelijk. Ze staan voor de taak een groot aantal ambities vanuit de politiek/bestuur te realiseren, ambities op het gebied van duurzaamheid/duurzaam inkopen, leefbaarheid, klimaatbestendigheid, vermindering CO2-uitstoot, minder faalkosten enz. Daarnaast moeten de projecten ook snel worden gerealiseerd, dus met minder hinder voor bewoners, en tegen lagere kosten. De betrokkenen moeten dat ook nog eens met minder mensen doen. Het is aan de GWW-sector om opdrachtgevers tegemoet te komen bij het realiseren van al deze doelstellingen. Daartoe heeft de sector verschillende initiatieven ontplooid: Halftime, het Praktijkprogramma Duurzaam GWW, dat de komende maanden verder zal worden gebracht. Voorkomen moet worden dat ‘duurzaamheid’ een reparatiemiddel is dat achteraf in projecten wordt ingebracht.  SBRCURnet heeft een publicatie uitgegeven over de kosten van klimaatmaatregelen en zij ondersteunt organisaties in de praktijk bij het realiseren van hun ambities. Belangrijke aspecten zijn:

  • Betrek de opdrachtnemer in een vroeg stadium bij de uitwerking van je ambities
  • Werk op een open manier samen met je projectpartners, want we moeten het samen doen in projecten! De regio Rijnmond heeft het voortouw genomen met de nieuwe samenwerkingsvorm die daarvoor nodig is: het open convenant. De gemeente Rotterdam past de Halftime werkwijze in steeds meer projecten toe.

Download hier de presentatie van Geert-Jan Verkade

Open convenant: samenwerken aan het zelfde doel – door René de Kwaadsteniet, Building Changes

Het initiatief voor  het Open convenant is genomen door de MKB-bedrijven in de regio Rijnmond. Een belangrijk gegeven volgens De Kwaadsteniet, want betrokkenheid van de bouwbedrijven is zoals zo vaak cruciaal voor het slagen van een initiatief om het anders te gaan doen met elkaar.

Waarom het open convenant? Omdat we processen willen verbeteren, innovaties sneller willen doorvoeren, streven naar minder hinder bij de uitvoering en minder verspilling, en niet te vergeten meer rendement willen behalen. Een betere samenwerking tussen opdrachtgever en opdrachtnemer is nodig, maar dat kan alleen als deze gebaseerd is op meer onderling vertrouwen. En de praktijk leert dat er tijd nodig is om dat vertrouwen op te bouwen – je moet eerst begrip hebben voor elkaars positie en de ander waarderen om zijn kennis en vaardigheden. Pas als de basis van vertrouwen er is, dan kan informatie over projecten echt gedeeld worden en komen instrumenten als BIM goed tot hun recht. Projecten kunnen dan (aantoonbaar!) sneller en tegen minder kosten worden uitgevoerd. Nieuwe contractvormen zoals UAV GC moeten daarbij worden ingezet, en eenduidige EMVI-criteria moeten eruit voortvloeien. Hans Kea van de gemeente Rotterdam die bij een van de praktijkprojecten betrokken was, noemde het een openbaring om op deze open, transparante manier in een project samen te werken. In 2015 zullen 5 nieuwe projecten op deze basis worden uitgevoerd. De leerervaringen daarbij zullen bijdragen aan het einddoel:  beter, sneller, goedkoper en zonder gedoe projecten realiseren.

Download hier de presentatie van René de Kwaadsteniet

Ervaringen met MKBA in relatie tot Halftime in Amsterdam – door Maurits van Hövell , IBA

Voor een goede begripsbepaling (waar hebben we het over) begon Van Hövell met twee statements:

  • MKBA wordt als methode door het Rijk gebruikt voor grote overheidsprojecten en wetenschappelijk onderbouwd, maar in dit geval gaat het om een kostenmodel voor groot onderhoud aan het hoofdwegennet in Amsterdam
  • In de hoofdstad werd Halftime nog aangeduid met ‘Kort en Hevig’

Het MKBA is een Excel-rekenmodel voor de kosten van groot onderhoud aan de hoofdstedelijke infrastructuur, waarmee dit jaar wordt proefgedraaid.  Aanleiding is een kostenbesparing die de gemeente wil doorvoeren, waarbij de efficiënte besteding van middelen extra belangrijk is. Het model is bedoeld om in het prille beginstadium van grote onderhoudsprojecten te worden ingezet, ook om verschillende varianten door te rekenen. Het model berekent de kosten van het project zelf (de basis), maar ook de maatschappelijke kosten. Daarbij gaat het om schade aan derden , zoals reistijdverlies vrachtverkeer en OV, extra exploitatiekosten OV en kosten voor verkeersregelaars tijdens de werkzaamheden.  Het model is o.a. toegepast om verschillende varianten af te wegen bij de renovatie van de traminfra over de Leidsebrug. Van Hövell wees erop dat het MKBA model een instrument is voor het ondersteunen van de besluitvorming door de wethouder, maar deze kan ook andere factoren zoals hinder zwaarder laten wegen dan alleen de laagste kosten. En het model is gevoelig voor de input; is deze onnauwkeurig dan is het model dat ook.

Download hier de presentatie van de gemeente Rotterdam

Meer samen met de markt
Jaap Kooman van de gemeente Rotterdam vatte de middag nog eens samen. Hoofdconclusie: publieke opdrachtgevers moeten meer samenwerken met de markt bij het realiseren van hun doelen.  Marktpartijen moeten bij de volgende Tribune-bijeenkomst meer aan het woord komen, ook bij hun ervaringen met het fantastische initiatief van het Open Convenant Rijnmond. Tegelijk constateerde hij (ook uit eigen ervaring) dat nieuwe contracten nog te veel ‘gedoe’ met zich meebrengen. Verder blijkt dat functioneel specificeren zoals door RWS omarmd, toch wel degelijk eigen kennis impliceert, ‘anders kan het bouwwerk dat je had gespecificeerd er heel anders uitgaan zien dan wat je bedoeld had’.